DGIS/ onderwijs:
· Nederland moet er in bilaterale relaties op aandringen dat iedereen toegang moet hebben tot gratis onderwijs en gratis schoolmaaltijden.
· De door Nederland gesteunde specifieke programmas en projecten tegen kinderarbeid zouden:
· zich minder moeten richten op het bestrijden van alleen de ergste vormen van kinderarbeid, maar vooral programmas moeten steunen die alle vormen van kinderarbeid bestrijden
· in gevallen waar het bestrijden van de ergste vormen van kinderarbeid wel het uitgangspunt is, zich waar mogelijk moeten aansluiten bij of het initiatief nemen tot programmas die zijn gericht op instroming van de kinderen in het formele dagonderwijs.
Economische Zaken:
· Nederland moet zich inzetten voor de verbetering van arbeidsrechten voor volwassenen.
· Bestrijding van kinderarbeid moet systematisch aan de orde worden gesteld bij handelsmissies in landen waar kinderarbeid veelvuldig voorkomt.
· Bedrijven die krediet krijgen, meegaan op handelsmissies of anderszins door de overheid gesteund worden, moeten inzichtelijk maken of zij betrokken zijn bij kinderarbeid (ook in hun toeleveringsketen) en wat ze daar aan doen.
· De Nederlandse overheid moet zich inzetten voor een volledig duurzaam inkoopbeleid, waar ook het bestrijden van kinderarbeid en het naleven van arbeidsnormen prominent deel van uitmaakt.
· Transparantie nastreven bij bedrijven over hun productieketen over de mate waarin de fundamentele ILO-arbeidsnormen in de praktijk worden gebracht.
· Nederland moet afspraken maken met ontwikkelingslanden om kinderarbeid in exportsectoren (beter) te controleren.
Buitenlandse Zaken:
· Een mondiaal importverbod op producten waarbij sprake is van kinderarbeid helpt niet zolang er niet gewerkt wordt aan alternatieven om kinderarbeid te bestrijden. De Nederlandse regering moet zich dus ook inzetten voor bovengenoemde alternatieven, zoals gratis onderwijs en het verbeteren van arbeidsrechten voor volwassenen. Pas dan wordt er effectief gewerkt aan het bestrijden van kinderarbeid.
Tweede Kamerleden Gesthuizen (SP) en Voordewind (ChristenUnie) hebben vragen gesteld aan de ministers van Economische Zaken en van Buitenlandse Zaken over de betrokkenheid van o.a. de Nederlandse bedrijven Advanta en Bejo Zaden bij kinderarbeid in India.
De CU en de SP vragen de ministers bij de Europese Unie te bepleiten dat in de onderhandelingen over het vrijhandelsverdrag met India afspraken worden gemaakt over de bestrijding van kinderarbeid en het naleven van mensenrechten en dat deze integraal deel gaan uitmaken van die overeenkomst, inclusief een mechanisme om geschillen daarover te beslechten.
Daarnaast vragen ze de ministers deze bedrijven erop aan te spreken dat ze alle maatregelen moeten nemen genomen die in hun macht liggen om betreffende overtredingen van de International Labor Organization (ILO) conventies te voorkomen. Het gaat hierbij om het vastleggen van het verbod op kinderarbeid en naleving van de ILO conventies in een gedragscode, het opnemen van een verbod op kinderarbeid, vrouwendiscriminatie en naleving van ILO conventies in contracten met toeleveranciers, een geloofwaardig managementsysteem voor de bestrijding van kinderarbeid en naleving ILO conventies inclusief onafhankelijke controle, klachtenprocedure, openbare rapportage en het aangaan van een dialoog met betrokken partijen zoals niet-gouvernementele organisaties en vakbonden.
Klik hier voor alle vragen.
Monitor fair: SP, CU
21-06-2010 CU en SP stellen vragen over kinderarbeid »
16-02-2010 CU stelt vragen over kinderarbeid »
02-11-2009 CU over kinderarbeid in begrotingsbehandeling BZ »
02-11-2009 Heemskerk spreekt zich sterk uit voor MVO »
08-10-2009 SP stelt vragen over kinderarbeid in AO »
01-10-2009 SP en ChristenUnie stellen vragen over kinderarbeid »
14-07-2009 CU stelt vragen in AO over kinderarbeid »