Beleidsaanbevelingen

  • De Nederlandse regering moet zoals de motie-Vendrik voorschrijft het Nederlandse belastingbeleid doorlichten op,  belastingontwijking en ontduiking door multinationale ondernemingen in Nederland en de gevolgen ervan voor ontwikkelingslanden. Er is momenteel nog teveel onduidelijkheid omtrent de cijfers om echt een goed beeld te krijgen.
  • Door het gebrek aan transparantie en informatie is het onmogelijk om te controleren hoe bedrijven hun geldstromen beheren, waardoor praktijken als transfer pricing moeilijk te bestrijden zijn. De Minister van Financiën moet zich daarom bij de EU en de International Accounting Standards Board inzetten voor de invoer van country-by-country reporting.
  • De Minister van Financiën moet aandringen bij de OESO dat deze de modelconventie voor TIEAs herziet. Nederland moet ook blijven aandringen op controle op uitvoering van de TIEAs in ontwikkelingslanden en landen hierin technisch ondersteunen, samen met het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Een multilaterale aanpak in plaats van het huidige bilaterale uitgangspunt zou er daarnaast voor zorgen dat ontwikkelingslanden ook zwaardere verdragen kunnen ondertekenen.
  • Nederland moet haar verdragsbeleid ten aanzien van ontwikkelingslanden tegen het licht houden. In de toekomst moet Nederland alleen verdragen afsluiten als er sprake is van substantiële economische belangen voor beide partijen.

Case: Belastingen

02-12-2010 GL stelt vragen over schade belastingontwijking voor ontwikkelingslanden

Tweede Kamerlid Braakhuis (Groenlinks) heeft vragen gesteld aan de staatssecretaris van Financiën over de schade van belastingontwijking voor ontwikkelingslanden na berichten over dit onderwerp in de media.

Kamerlid Braakhuis stelde zijn vragen naar aanleiding van een artikel in de Volkskrant in november 2010 over de bevindingen van een rapport van ActionAid/Niza over belastingontwijking in Afrika door het bierconcern SAB Miller. Braakhuis vroeg de mening van de staatssecretaris wat betreft het ontlopen van belastinginkomsten door ontwikkelingslanden als resultaat van Nederlands belastingbeleid. Het Kamerlid vroeg ook naar de mogelijkheden voor een doorlichting van het belastingbeleid met het oog op belastingvlucht uit ontwikkelingslanden. Braakhuis stelde ook vragen over de omvang van de belastingontwijking en het profijt dat Nederland haalt uit haar eigen belastingbeleid dat op deze manier dus schadelijk is voor de ontwikkeling van ontwikkelingslanden.

In zijn antwoord erkende de staatssecretaris de belastingvlucht uit ontwikkelingslanden maar hij benadrukt de internationale vervlechting, waardoor het Nederlandse belastingstelsel niet op zichzelf staat, maar onderdeel is van een internationaal netwerk van landen en verdragen. Hierom ziet de staatssecretaris weinig heil in het invoeren van eenzijdige maatregelen van Nederland m.b.t. belastingvlucht. Volgens de staatssecretaris neemt Nederland in plaats daarvan een voortrekkersrol in  binnen internationale organisaties en initiatieven om belastingontwijking toch tegen te gaan. Nederland streeft daarbij naar het verbeteren van de capaciteit van ontwikkelingslanden om een evenwichtig belastingstelsel in en uit te voeren, evenals het vergroten van de transparantie van internationale geldstromen. Ten slotte geeft de staatssecretaris aan dat de rol van Nederland als financieel knooppunt de staatskas naar schatting jaarlijks €1,5 miljard oplevert.

Lees hier het volledige antwoord van de staatssecretaris.

Monitor fair: GroenLinks